Aan de overkant
Staat een voorhuis
Van oorspronkelijk een boerderij
Ik stel me voor met koeien, schapen, kippen
Die in het achterweiland
Grazen en wat scharrelen
Wellicht ook wat aardappels op het land
Nu woont er links een oudere dame
Ze vindt het best wel jammer
Dat een grijze bus
Haar uitzicht aan de voorkant soms belemmert
Op auto’s, fietsers, trekkers
Op een buurjongen die met zijn zusje speelt
En de overbuurman die zijn koeien eten geeft
Op het leven dat buiten
Aan haar kantgordijn voorbij trekt
