Hondie Snor en Dan de Ridder ontwaken op de vroege ochtend

Bij het krieken van de de dag blijkt het droog te zijn. Vogels in allerlei soorten met uiteraard verschillend geluid laten van zich horen. Hondie wordt er wakker van. Hij ziet een zonnestraal net onder het tentdoek door piepen. Zich omdraaiend voelt hij zijn eigen pijnlijke rug en hij hoort ridder Dan zachtjes snurken. Op het ritme van zijn ademhaling rinkelen de schouderstukken van zijn metalen borstrok. ‘Wat is het toch en riddertje in hart en nieren’ denkt hij vertederd. Altijd maar die borstrok aan ‘om trouw te blijven aan mijn afkomst’ zoals Dan het altijd zegt.

Dat gedacht hebbende besluit Hondie op te staan en naar de waterkant te lopen. ‘Wat rek en strek en ik ben weer puik in orde’ schat hij in. Armen omhoog, gebogen opzij, de danser op één been met het andere naar achter en zijn arm in de lucht lukt zowaar. ‘Echt heerlijk, die zon op mijn snufferd waarmee de dag voor mij niet gauw genoeg kan beginnen’ pruttelt hij in zichzelf. ‘Eens kijken hoe Dan daar oven denkt’. Aangekomen bij de tent komt Dan net frisgewassen aangelopen. ‘Hé riddertje van me! Lekker geslapen?’ Ridder Dan gromt wat en mompelt: ‘Laat me even rustig wakker worden Hondie Snor’. O jee, als Dan zijn achternaam erbij gaat noemen is het menens weet Hondie. ‘Eh Dannetje van me, heb je al een plannetje voor vandaag? Dannetje een plannetje voor het opruimen?’ Hondie grinnikt in zichzelf om zijn leuke rijmpje. Te hard grinniken moet maar even niet om Dan niet op de kast te jagen. Dan denkt na en zegt: ‘Het lijkt me handig dat we alles zo inpakken dat die kist daar op die plek komt en die tas juist aan de andere kant. Als we dan ook nog de tentstokken daar onderschuiven en het zeildoek dat kan mooi daartussen, oh en laten we die ijzeren speer van mij niet vergeten, die binden we op het dak stevig vast en eens even denken, waar laten we dan de bak met spelletjes, de frisbee en het kaartspel, eens even kijken…’ Dan kijkt op of Hondie überhaupt luistert. Met een half oor blijkt en ondertussen staat hij heen en weer te wippen op zijn benen. ‘Is er iets?’ vraagt Dan. ‘Eh nee hoor, of toch ja, ik moet zo nodig’. ‘Nou gaan dan Hondie’ zegt Dan ‘en daarna aan de slag met opruimen’. ‘Okidoki Dannetje, goed plannetje!’ roept Hondi. En struikelend, zijn benen bij elkaar knijpend om het niet zijn broek te doen, rent hij naar de wc.

Plaats een reactie